Vastgoed Begrippenlijst
Wegwijs in de vastgoedwereld. Vind hier heldere en begrijpelijke definities voor alle vaktermen, wetten en regels rondom de koop, verkoop en verhuur van woningen en bedrijfspanden.
Geen begrippen gevonden die voldoen aan uw zoekopdracht.
Begrippen beginnend met '0-9'
0%
Starters tussen de 18 en 35 jaar voor een woning tot maximaal € 555.000.
10,4%
Kopers van zakelijk vastgoed of bedrijfspanden.
2%
Kopers die de woning zelf als hoofdverblijf gaan bewonen.
230a-bedrijfsruimte
Bedrijfsruimten die niet vallen onder de definitie van winkel/horeca, zoals kantoren, opslagruimten, fabrieken en praktijkruimten.
290-bedrijfsruimte
Bedrijfsruimten die voor het publiek toegankelijk zijn en waar een product of dienst direct wordt geleverd, zoals winkels, horeca en ambachtsbedrijven.
8%
Kopers van een tweede woning, vakantiewoning of beleggingspand.
Begrippen beginnend met 'A'
Aanleunwoning
Een zelfstandige woning naast een zorgcentrum, waarbij de bewoner zelfstandig woont maar wel direct zorgvoorzieningen kan gebruiken.
Aanvaardingsdatum
De dag waarop de koper de sleutels krijgt, het huis mag gaan gebruiken en verantwoordelijk wordt voor het pand.
Administratieve bewaarplicht
De wettelijke plicht om zakelijke documenten en administratie gedurende een minimumaantal jaren te bewaren voor belastingcontroles.
Aflossingsvrij
Je betaalt tijdens de looptijd alleen rente en lost niets af. De schuld moet je aan het einde van de looptijd in één keer terugbetalen.
Aftrekpunten
Punten die in mindering worden gebracht op de totale WWS-score wegens slechte energieprestaties, waardoor de maximale huur daalt.
Akte van levering
Het officiële document dat je bij de notaris tekent om de woning juridisch over te dragen van verkoper naar koper.
Akte van verdeling
Een officiële akte van de notaris waarin staat dat de woning niet langer gezamenlijk bezit is, maar eigendom wordt van één specifieke persoon.
Annuïteitenhypotheek
Je betaalt elke maand hetzelfde bruto bedrag. In het begin los je weinig af en betaal je veel rente, aan het einde is dat andersom.
Antikraak
Het tijdelijk bewonen van een leegstaand pand (zoals een school of kantoor) via een bruikleenovereenkomst om kraak en vernieling te voorkomen.
Appartementsrecht
Het juridische recht op het exclusieve gebruik van een specifiek deel van een gebouw (het appartement) en het mede-gebruik van de gemeenschappelijke delen.
As-is-where-is
Een [clausule](/kennisbank/ontbindende-voorwaarden-en-risicoclausules) waarmee de koper verklaart dat hij het huis accepteert in de exacte staat waarin het zich op dat moment bevindt, vaak toegepast bij [bedrijfspanden](/kennisbank/aankoop-en-financiering-van-bedrijfspanden).
Asbestsanering
Het laten verwijderen van asbesthoudende materialen door een gespecialiseerd en gecertificeerd bedrijf.
Begrippen beginnend met 'B'
Bankgarantie
Een verklaring van de bank dat zij 10% van de koopsom aan de verkoper betalen als de koper zijn afspraken niet nakomt.
Bedrijfshypotheek
Een zakelijke lening voor vastgoed, waarbij de bank vaak maximaal 50% tot 70% van de marktwaarde financiert.
Beneficiair aanvaarden
Het veilig [accepteren van de erfenis](/kennisbank/het-accepteren-of-weigeren-van-de-erfenis). Je krijgt de bezittingen alleen als alle schulden zijn afbetaald en er onder de streep geld overblijft. Dit voorkomt een eventuele [restschuld na verkoop erfenis](/kennisbank/restschuld-na-verkoop-erfenis).
Beneficiaire aanvaarding
Het accepteren van de erfenis onder het voorbehoud dat er geen schulden zijn die groter zijn dan de bezittingen, om zo een [restschuld na verkoop erfenis](/kennisbank/restschuld-na-verkoop-erfenis) te voorkomen.
Bestemmingsplan
De gemeentelijke regels die bepalen waarvoor een specifiek pand of stuk grond gebruikt mag worden (bijvoorbeeld detailhandel of horeca).
Bestuurlijke boete
Een geldboete die de gemeente direct kan opleggen aan een verhuurder zonder tussenkomst van een rechter.
Bijleenregeling
Een regel van de Belastingdienst die stelt dat je de overwaarde van je oude huis moet gebruiken voor de aankoop van je nieuwe huis om recht te houden op hypotheekrenteaftrek.
Blote eigendom
Het eigendom van een huis op papier, zonder dat je het recht hebt om er zelf in te wonen of het te verkopen.
Boedelbeschrijving
Een officieel overzicht van alle bezittingen en schulden van de overledene op de dag van overlijden.
Boekwinst
Het positieve verschil tussen de verkoopopbrengst van het bedrijfspand en de boekwaarde (de waarde op de balans van de onderneming).
Borg
Het geld dat tijdelijk vaststaat om de verkoper te beschermen tegen het risico dat de koper de transactie niet afmaakt.
Bouwkundig splitsen
Het fysiek verbouwen van een woning om er meerdere zelfstandige wooneenheden (met eigen keuken, badkamer en voordeur) van te maken.
Box 3
De belastingcategorie voor sparen en beleggen, waarin ook woningen vallen die niet je eigen hoofdverblijf zijn.
Bruto aanvangsrendement (BAR)
De jaarlijkse huuropbrengst gedeeld door de totale aankoopkosten van het pand, uitgedrukt in een percentage.
Begrippen beginnend met 'C'
Canon
De jaarlijkse of maandelijkse vergoeding die je moet betalen voor het gebruik van de erfpachtgrond.
Direct zekerheid over de verkoop van uw woning?
Voorkom een langdurig verkooptraject en financiële onzekerheid. Leco Vastgoed brengt binnen 48 uur een gegarandeerd bod uit op uw woning. Geen makelaarskosten en geen voorbehouden.
Begrippen beginnend met 'D'
Derdengeldenrekening
Een speciale, beveiligde rekening van de notaris waar de koopsom en de hypotheek tijdelijk op worden gestort voordat het geld naar de verkoper gaat.
Discriminatie bij verhuur
Het ongelijk behandelen van kandidaat-huurders op basis van bijvoorbeeld afkomst, religie of geaardheid tijdens het selectieproces.
Due diligence
Een diepgaand onderzoek naar de bouwkundige, juridische, fiscale en financiële staat van een bedrijfspand voor de aankoop.
Dwingend recht
Wetgeving waar je in een contract niet van mag afwijken; afspraken die de bedenktijd verkorten of uitsluiten zijn ongeldig.
Begrippen beginnend met 'E'
Eigenarendeel
Het deel van de OZB dat door de eigenaar van de woning of het pand wordt betaald.
Eigenwoningforfait
Een fictief inkomen in Box 1 dat de Belastingdienst bij je inkomen optelt omdat je eigenaar bent van een bewoond huis.
Eigenwoningreserve
De overwaarde die vrijkomt bij de verkoop van je woning, die je drie jaar lang moet gebruiken voor de aankoop van een nieuw huis om recht te houden op hypotheekrenteaftrek.
Eindinspectie
Een laatste gezamenlijke controle van het huis door koper en verkoper, vlak voor de afspraak bij de notaris.
Energieadviseur
Een gediplomeerd expert die de woning ter plaatse inspecteert om de energieprestatie officieel te berekenen.
Energielabel
Een certificaat (klasse A++++ tot G) dat aangeeft hoe zuinig een gebouw is en welke verbeteringen mogelijk zijn.
Energielabel C voor kantoren
De wettelijke verplichting dat kantoorgebouwen minimaal energielabel C of beter moeten hebben om gebruikt te mogen worden.
Erfbelasting
De belasting die je aan de Belastingdienst betaalt over de waarde van de erfenis die je ontvangt, bijvoorbeeld bij de afwikkeling van een [restschuld na verkoop erfenis](/kennisbank/restschuld-na-verkoop-erfenis).
Erfdienstbaarheid
Een zakelijk recht dat op een stuk grond rust, zoals het recht van overpad (mogen oversteken via de grond van je buurman).
Erfgenamen
De personen die wettelijk of via een testament de bezittingen en schulden van de overledene krijgen.
Erfgrens
De officiële grenslijn tussen jouw grond en de grond van je buren, zoals vastgelegd in het Kadaster.
Erfpacht
Je koopt alleen het recht om de grond en de woning te gebruiken. De grond zelf blijft eigendom van iemand anders (bijvoorbeeld de gemeente).
Ex-partner uitkopen
Het betalen van de helft van de nettowaarde van de woning aan je ex-partner, zodat jij de volledige eigenaar van het huis wordt.
Executieveiling
Een gedwongen verkoop door de bank of de Belastingdienst omdat de eigenaar zijn schulden niet meer kan betalen. Lees ook: [hoe voorkom ik een executieveiling?](/kennisbank/hoe-voorkom-ik-een-executieveiling)
Begrippen beginnend met 'F'
Financieringsvoorbehoud
De afspraak dat de koop niet doorgaat als de koper geen hypotheek kan krijgen bij de bank.
Fiscaal partnerschap
De status bij de Belastingdienst die bepaalt hoe je gezamenlijk belastingaangifte doet. Dit eindigt zodra het verzoek tot scheiding is ingediend en partners op verschillende adressen wonen.
Begrippen beginnend met 'G'
Garagebox
Een onroerende zaak bedoeld voor opslag of stalling, waarop specifieke consumentenrechten zoals de bedenktijd bij losse verkoop niet gelden.
Gebrekenboek
De officiële richtlijn van de Huurcommissie die aangeeft welke onderhoudsgebreken leiden tot een tijdelijke verlaging van de huurprijs.
Gebruikersdeel
Het deel van de OZB dat bij bedrijfspanden door de huurder wordt betaald; bij normale woningen bestaat dit deel niet.
Gemeentelijk meldpunt
Een loket van de gemeente waar huurders anoniem en gratis misdragingen van verhuurders kunnen melden.
Grensreconstructie
Een officiële meting door een landmeter van het Kadaster om de exacte grens ter plaatse aan te wijzen.
Gunning
De officiële goedkeuring van de verkoper of de bank om het pand daadwerkelijk aan de hoogste bieder te verkopen.
Begrippen beginnend met 'H'
Herinvesteringsreserve (HIR)
Een fiscale regeling in de inkomstenbelasting en vennootschapsbelasting waarmee je de belastingheffing over de boekwinst bij verkoop van een bedrijfsmiddel kunt uitstellen.
Herzieningstermijn
De periode van tien jaar waarin de Belastingdienst kan controleren of de afgetrokken btw bij de aankoop of verbouwing van een pand herzien moet worden.
Hoofdelijke aansprakelijkheid
De situation waarin de bank elke contractant van de hypotheek persoonlijk kan aanspreken voor de volledige betaling van de hypotheekschuld.
Hoofdverblijf
De woning waar je zelf daadwerkelijk gaat wonen en je inschrijft bij de gemeente.
Hospitaverhuur
Het verhuren van een kamer in de woning waar de verhuurder zelf ook woont en zijn hoofdverblijf heeft.
Huisvestingsvergunning
Toestemming van de gemeente om in een goedkopere huurwoning te mogen wonen, vaak gekoppeld aan je inkomen.
Huurbeding
Een regel van de bank in jouw hypotheekcontract die verbiedt om het huis te verhuren zonder hun schriftelijke toestemming.
Huurbescherming
Het recht van de huurder om in de woning te blijven wonen. De verhuurder kan de huur alleen met een geldige wettelijke reden opzeggen.
Hypotheekrenteaftrek
De regeling waarbij je de rente die je betaalt over je hypotheek mag aftrekken van je inkomstenbelasting.
Hypotheekschuld
De openstaande lening bij de bank met het huis als onderpand.
Begrippen beginnend met 'I'
Illegale onderhuur
Het stiekem doorverhuren van je huurwoning aan iemand anders, zonder dat de eigenaar hiervan weet.
ILT
De Inspectie Leefomgeving en Transport; de overheidsorganisatie die controleert op de energielabelverplichting en boetes uitdeelt.
Inbeheerneming
De uiterste sanctie waarbij de gemeente het beheer van een huurpand overneemt van de eigenaar en de huur zelf int.
Informatieplicht
De wettelijke plicht van de verkoper om bekende gebreken (zoals een lekkend dak of rotte balken) vooraf aan de koper te melden.
Informatieplicht energiebesparing
De verplichting voor bedrijven om te rapporteren welke energiebesparende maatregelen zij hebben genomen.
Inschrijving
Het officieel registreren van een notariële akte bij het Kadaster, waardoor de eigendomsoverdracht of hypotheek geldig wordt.
Begrippen beginnend met 'J'
Jaarafrekening
Het jaarlijkse overzicht van de werkelijk gemaakte servicekosten, waarin het verschil met de betaalde voorschotten wordt verrekend.
Jubelton
De voormalige belastingvrije schenking van ruim een ton voor de aankoop van een eigen woning (definitief afgeschaft per 1 januari 2024).
Begrippen beginnend met 'K'
Kadaster
Het openbare register waarin de overheid bijhoudt wie welke grond en welke gebouwen in Nederland bezit.
Kadastraal splitsen
Het juridisch opdelen van één grondperceel of gebouw in meerdere zelfstandige appartementsrechten via de notaris en het Kadaster.
Kamerverhuur
Het verhuren van afzonderlijke kamers in een huis aan verschillende huurders (bijvoorbeeld studenten) die geen gezin vormen.
Kantonrechter
Een rechter die beslist over kleinere zaken en toezicht houdt op de bescherming van kwetsbare personen, zoals minderjarigen.
Kindsdeel
Het wettelijke erfdeel van een kind dat vaak pas opeisbaar is na het overlijden van de langstlevende ouder.
Koop breekt geen huur
De wettelijke regel (artikel 7:226 Burgerlijk Wetboek) die bepaalt dat het huurcontract bij verkoop van het pand automatisch meegaat naar de nieuwe eigenaar.
Kosten koper (k.k.)
De extra kosten bij de aankoop van een woning (zoals overdrachtsbelasting en notariskosten) die normaal gesproken door de koper worden betaald.
Begrippen beginnend met 'L'
Leegwaarde
De marktwaarde van een woning als er geen huurders in zitten en het pand direct vrij te gebruiken is.
Leegwaarderatio
Een kortingspercentage op de WOZ-waarde dat je mag toepassen als je een woning verhuurt waarin de huurder huurbescherming heeft.
Legaat
Een specifiek cadeau in een testament (bijvoorbeeld een woning) dat aan een bepaald persoon wordt nagelaten, los van de rest van de erfenis.
Lichtstraat
Een rij ramen in een frame op een plat dak die zorgt voor veel extra daglicht in de woning.
Lijst van Zaken
Een formulier waarop staat aangegeven welke spullen (zoals lampen of gordijnen) in het huis achterblijven, meegaan met de verkoper of ter overname worden aangeboden.
Lineaire hypotheek
Je lost elke maand een vast bedrag af. Hierdoor daalt je schuld snel en worden je maandlasten elke maand een stukje lager.
Begrippen beginnend met 'M'
Maisonnette
Een appartement dat verdeeld is over twee of meer verdiepingen en beschikt over een eigen binnentrap.
Mandeligheid
Gemeenschappelijk eigendom van een erfafscheiding (zoals een schutting of heg) die op de grens staat. Beide buren moeten meebetalen aan het onderhoud.
Marktwaarde
Het geldbedrag dat kopers op dit moment echt willen betalen voor jouw woning als je deze te koop zet.
Mede-erfgenaam
Iemand die samen met jou recht heeft op een deel van dezelfde erfenis, zoals je broers of zussen.
Middenhuur
Woningen met een huurprijs die valt tussen de sociale huurgrens en de nieuwe middenhuurgrens (tot 186 punten in het WWS).
Minderjarig
Iemand die nog geen 18 jaar oud is en volgens de wet nog niet zelfstandig beslissingen mag nemen.
Begrippen beginnend met 'N'
Nalatenschap (Boedel)
Het totale vermogen (bezittingen minus schulden) dat de overledene achterlaat.
Natrekking
De wettelijke regel die bepaalt dat zonnepanelen die vast op het dak liggen automatisch eigendom worden van de huiseigenaar.
Nieuw vervaardigd onroerend goed
Een pand dat nieuw is gebouwd of korter dan twee jaar geleden voor het eerst in gebruik is genomen.
Nota van afrekening
Het financiële eindoverzicht van de notaris waarin alle inkomsten en uitgaven van de woningoverdracht op een rij staan.
Notariële volmacht
Een officieel papier waarmee je iemand anders toestemming geeft om namens jou de handtekening te zetten bij de notaris.
Begrippen beginnend met 'O'
Omgevingswet
De wet die alle regels voor ruimtelijke ordening, bouwvergunningen, milieu en natuur samenvoegt in één stelsel.
Omzetbelasting (Btw)
De belasting op de verkoop van nieuwe producten en diensten, die bij nieuwbouwwoningen 21% bedraagt.
Onroerend goed documentatie
Alle contracten, facturen, verbouwingsplannen en belastingaangiften die betrekking hebben op een specifiek gebouw of stuk grond.
Onroerende zaak
De grond zelf en alle gebouwen of spullen die daar permanent (nagelvast) mee zijn verbonden.
Onroerendezaakbelasting (OZB)
De belasting die je jaarlijks aan de gemeente betaalt voor het bezitten van een pand of grond.
Ontbindende voorwaarden
Afspraken in het contract waardoor de koop niet doorgaat als er aan bepaalde voorwaarden niet wordt voldaan (bijvoorbeeld de hypotheek).
Ontruimingsbescherming
Het recht van een huurder van een 230a-ruimte om de rechter te vragen de ontruimingstermijn na opzegging tijdelijk te verlengen.
Ontslag uit de hoofdelijke aansprakelijkheid (OHA)
De schriftelijke verklaring van de bank dat de vertrekkende partner niet langer verantwoordelijk is voor de hypotheek.
Openbare veiling
Een openbare verkoop van vastgoed onder leiding van een notaris, waarbij de bedenktijd niet van toepassing is.
Opkoopbescherming
Een regel van de gemeente die verbiedt dat goedkope en middendure woningen worden opgekocht om te worden verhuurd.
Ouderdomsclausule
Een speciale tekst in het koopcontract waarin staat dat de koper accepteert dat het huis oud is en dat gebreken door ouderdom voor eigen risico zijn.
Overdrachtsbelasting
De belasting die je normaal gesproken aan de Belastingdienst betaalt wanneer je eigenaar wordt van een bestaand huis.
Overlijdensrisicoverzekering (ORV)
Een verzekering die een geldbedrag uitkeert als de verzekerde persoon overlijdt, bedoeld om de hypotheek (deels) af te lossen.
Begrippen beginnend met 'P'
Passeren van de akte
Het officiële moment waarop de notaris, koper en verkoper de handtekening onder de leveringsakte zetten.
Penthouse
Een groot en luxe appartement op de allerbovenste (dak)verdieping van een gebouw, vaak met een dakterras.
Begrippen beginnend met 'R'
Recht van opstal
Een recht dat ervoor zorgt dat je eigenaar bent van het gebouw op de grond, terwijl de grond van een ander is. Dit voorkomt natrekking.
Restschuld
De schuld die overblijft als de verkoopopbrengst van de woning lager is dan de openstaande hypotheekschuld.
Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO)
De overheidsinstantie die toeziet op verduurzaming en energielabels in het bedrijfsleven.
Rijksmonument
Een historisch gebouw dat door de overheid wettelijk is beschermd om de cultuurhistorische waarde te behouden.
Royement
Het officieel doorhalen en uitschrijven van de oude hypotheek van de verkoper in de registers van het Kadaster. Dit is essentieel bij het [voorkomen van een executieveiling](/kennisbank/hoe-voorkom-ik-een-executieveiling).
Begrippen beginnend met 'S'
Salderingsregeling
De regeling waarmee je de stroom die je teruglevert aan het elektriciteitsnet mag verrekenen met je eigen verbruik.
Sale and lease back
Je eigen woning verkopen aan een investeerder en het huis direct van diezelfde partij terug huren, zodat je er kunt blijven wonen.
Schenkbelasting
De belasting die de ontvanger van een schenking moet betalen aan de Belastingdienst.
Schenken in schijven
Het splitsen van een grote schenking over meerdere kalenderjaren om zo meerdere keren gebruik te maken van de jaarlijkse belastingvrije drempel.
Schenking
De overdracht van eigendom van een woning zonder dat de ontvanger daarvoor hoeft te betalen (vaak van ouders naar kinderen).
Schriftelijkheidsvereiste
De wettelijke regel dat de koop van een woning pas geldig is als beide partijen een papieren of digitaal koopcontract hebben ondertekend.
Servicekosten
Kosten die bovenop de kale huurprijs komen voor extra leveringen en diensten, zoals gas, water, elektra, of een huismeester.
Servicekostenverantwoording
De verplichting van de verhuurder om jaarlijks een overzicht te geven van de werkelijk gemaakte servicekosten.
Sleutelverklaring
Een afspraak waarmee de koper de sleutels krijgt om alvast te gaan klussen voordat de overdracht officieel is afgerond.
Splitsingsakte
Een officieel notarieel document waarin een gebouw juridisch is opgedeeld in losse appartementen.
Splitsingstekening
Een officiële tekening die bij de splitsingsakte hoort en de exacte grenzen tussen de appartementen en de gemeenschappelijke ruimten laat zien.
Splitsingsvergunning
De officiële toestemming van de gemeente die in veel steden verplicht is om een gebouw te mogen splitsen.
Startersvrijstelling
Een regeling waardoor jonge kopers (18 tot 35 jaar) onder voorwaarden eenmalig 0% overdrachtsbelasting betalen.
Begrippen beginnend met 'T'
Testament
Een officieel document van de notaris waarin je vastlegt wie jouw erfgenamen zijn en wie wat krijgt na jouw overlijden.
Tijdelijke huur
Een huurcontract met een vaste einddatum (bijvoorbeeld 1 of 2 jaar) waarna de huurder de woning moet verlaten.
Toezichthouder
Een ambtenaar van de gemeente die de bevoegdheid heeft om panden te betreden en verhuurders te controleren op naleving van de wet.
Transportdatum
De datum waarop de leveringsakte bij de notaris wordt getekend en de eigendomsoverdracht definitief is.
Begrippen beginnend met 'U'
Uitponden
Het één voor één los verkopen van huurwoningen zodra deze leegkomen, in plaats van de hele portefeuille in één keer aan een belegger te verkopen.
Begrippen beginnend met 'V'
Vaste lasten
De doorlopende kosten van een woning, zoals gemeentelijke belastingen (OZB), opstalverzekering, VvE-bijdragen en energie.
Vastgoedfonds
Een fonds waarin het geld van verschillende beleggers wordt samengevoegd om te investeren in grotere vastgoedprojecten.
Vastgoedobligatie
Een lening die je verstrekt aan een vastgoedontwikkelaar, waarover je een vaste rente ontvangt.
Verblijvingsbeding
Een afspraak in een samenlevingscontract waarin staat dat gemeenschappelijke spullen en het gezamenlijke huis na overlijden naar de partner gaan.
Vereffening
Het proces van het betalen van alle schulden en het verdelen van de overgebleven bezittingen onder de erfgenamen.
Verhuurvergunning
Een speciale toestemming van de gemeente om onder strikte voorwaarden een woning toch tijdelijk te mogen verhuren.
Verklaring van erfrecht
Een officiële verklaring van de notaris waarin staat wie er is overleden, wie de erfgenamen zijn en wie de erfenis namens hen mag afhandelen.
Vervangingsvoornemen
De concrete en aantoonbare intentie van de ondernemer om de boekwinst binnen de wettelijke termijn te herinvesteren in een nieuw bedrijfsmiddel.
Verwerpen
De erfenis volledig weigeren. Je krijgt niets van de bezittingen, maar bent ook op geen enkele manier aansprakelijk voor eventuele schulden.
Vordering op papier
Een tegoedbon op papier die de kinderen krijgen; zij kunnen het geld pas opeisen als de langstlevende ouder ook overlijdt.
Vragenlijst voor verkoop
Een document waarin de verkoper alle details over de bouwkundige staat en de geschiedenis van het huis invult om aan zijn informatieplicht te voldoen.
Vrij op naam (v.o.n.)
De verkoper betaalt de overdrachtsbelasting en de kosten voor de notariskosten van de levering (gebruikelijk bij nieuwbouw).
Vrijwillige veiling
Een veiling die de eigenaar zelf organiseert om het pand via opbod voor een zo hoog mogelijke prijs te verkopen.
Vruchtgebruik
Het recht om levenslang in een woning te mogen blijven wonen die officieel eigendom is van de kinderen.
Begrippen beginnend met 'W'
Waarborgsom
Een aanbetaling van meestal 10% van de koopsom die de koper vooraf stort op de rekening van de notaris.
Waarde in verhuurde staat
De lagere marktwaarde van een woning omdat er huurders in zitten die je er niet zomaar uit kunt zetten.
Wanprestatie
Het niet nakomen van de regels uit het contract, zoals het hebben van een grote huurachterstand.
Wet betaalbare huur
Een wet die de huurprijzen van woningen in het middensegment beschermt door ze te binden aan een maximaal aantal punten.
Wet Bibob
Een wet waarmee de overheid kan onderzoeken of er een risico is dat een vergunning of vastgoedtransactie wordt gebruikt voor criminele activiteiten.
Wet goed verhuurderschap
Een wet die landelijke regels stelt aan het gedrag van verhuurders en verhuurbemiddelaars om misstanden tegen te gaan.
Wet vaste huurcontracten
Een wet die bepaalt dat huurders vanaf het begin recht hebben op een contract voor onbepaalde tijd (een vast contract).
Wettelijke bedenktijd
Een periode van drie dagen waarin de koper zonder opgaaf van reden en zonder kosten onder de koop uit kan.
Wettelijke verdeling
De automatische verdeling volgens de wet waarbij alle bezittingen en schulden naar de langstlevende echtgenoot of partner gaan om deze te beschermen.
Woningwaarderingsstelsel (WWS)
Het officiële puntensysteem waarmee de kwaliteit en de maximale huurprijs van een woning worden berekend.
Woningwet
De wet die regels stelt aan woningcorporaties en de kwaliteit en veiligheid van sociale huurwoningen beschermt.
Woningwetwoning
Een kwalitatieve sociale huurwoning die door een woningcorporatie wordt verhuurd aan mensen met een lager inkomen.
WOZ-waarde
De door de gemeente vastgestelde waarde van een woning, die als basis dient voor diverse belastingen.
WWS-punten (Woningwaarderingsstelsel)
Het wettelijke puntensysteem dat de kwaliteit en de maximale huurprijs van een huurwoning bepaalt.
Begrippen beginnend met 'Z'
Zelfbewoningsplicht
De verplichting voor de koper van een woning om er zelf in te gaan wonen en het niet aan anderen te verhuren.
Zonnewoning
Een woning die optimaal gebruikmaakt van zonne-energie en zo goed geïsoleerd is dat er geen traditionele verwarming nodig is.
Zuiver aanvaarden
Het volledig en onvoorwaardelijk accepteren van de erfenis. Blijken er achteraf schulden te zijn? Dan moet je die met je eigen spaargeld afbetalen.
Zuivere aanvaarding
Het volledig accepteren van de erfenis, inclusief alle schulden waarvoor je dan met je eigen privévermogen aansprakelijk wordt.